Reisverhalen

Column Anna: Truckstop

Regelmatig krijgen we van mensen allerlei tips en hints voor leuke plaatsen waar we onderweg ‘moete…

Redactie Zeilen

Shearwater was één van die aanbevelingen. Het ligt midden in Fiordland, een bijzonder gedeelte van British Columbia. Steile granieten kliffen, peilloos diep water, watervallen en warmwaterbronnen. Prachtige vergezichten. We konden ons er niet zo goed een voorstelling van maken, dus enigszins nieuwsgierig varen we aan het einde van de middag het kommetje van Shearwater binnen. De jachthaven bestaat uit één steiger waar de jachten drie-dik aan liggen. Ernaast een tweede steiger die bomvol ligt met vissersboten. Op de kant allerlei gebouwen die je hier in ‘the middle of nowhere’ niet zou verwachten. Een watervliegtuig landt gierend naast ons op het water en taxiet naar de vliegtuigsteiger. Als we de haven oproepen, horen we dat ze vol zitten. We mikken vlakbij het anker erin en vinden het wel best. Het is een lange dag geweest. Vanuit de kuip met een borreltje erbij bekijken we het komen en gaan op de kant.

“Tsja, en vijftig jaar geleden wilde hij er van af” zegt hij met een grijns. Hij kocht het en heeft sindsdien allerlei leuke dingen gedaan. Een oude hangar werd opgeknapt en gebruikt voor het bouwen van jachten. In de negentiger jaren verschenen er jachten op de Inside Passage. Hij bouwde een jachtensteiger en een hotel. Van de nabijgelegen indianendorpjes kwamen steeds meer mensen bij hem werken, dus hij bouwde een schooltje en een gemeenschapscentrum. En het groeit nog steeds. Amerikanen en Canadezen zijn gek op vissen, hebben we inmiddels door. Hij vertelt dat er ondernemers zijn die drijvende luxe lodges exploiteren. In de zomer worden die naar mooie baaien gesleept. Men boekt daar een visvakantie. Met het watervliegtuig naar Shearwater en van daar uit met de helikopter naar de lodge. “Leuk hè, die helikopter?” lacht hij. “Was een verjaardagscadeau voor mezelf”. We kijken hem verrast aan. “Tsja en die lodges hebben spullen nodig. Dus bouwden we een groot transportschip dat van alles naar de lodges en naar kleine dorpen hier in de buurt kan brengen”.  Tuurlijk. Vragend wijs ik op de bomvolle steiger van de vissersboten. “O, die liggen hier gratis” zegt hij. “Daarmee doe ik iets terug, want we hebben jarenlang goed aan ze verdiend toen het goed ging in de visserij. Nu is dat een stuk minder, maar zijn ze hier nog steeds welkom”. Op dat moment loopt een groepje vissermannen het terras op en bestelt een rondje bier. Zo te zien gaan ze het daar niet bij laten vandaag en laten ze toch hun dollars wel achter hier in Shearwater.

Inmiddels is het lunchtijd geworden en knabbelen we op lekkere zalmdingetjes. “En hoe gaat dat nu verder?” vraag ik. “De Europeanen” zegt hij resoluut. “Maar die jagen niet. Die willen alleen maar kijken. Dat noemen we eco-toerisme”. Wij liggen plat van het lachen en na even schakelen realiseert hij zich dat wij ook Europeanen zijn. Hij grijnst en praat snel door over de beren in de omgeving (een zeldzame witte soort), de orka’s en de walvissen. Een uurtje later nemen we met tuitende oren afscheid. Wat een bijzondere historie. Je gaat toch anders tegen zo’n plek aankijken.
We pikken de was op en lopen terug naar de boot. Beetje rommelen en voor je het weet is het ‘happy hour’ en zitten we weer in de kuip te borrelen. We kletsen na over alles wat we gehoord hebben. Als ik opsta om ons avondeten te gaan maken, zie ik Craig peinzend op een steiger staan. Die is weer wat nieuws aan het verzinnen.

Shearwater, British Columbia, augustus 2016

Lees hier meer columns van Wietze van der Laan en Janneke Kuysters

Meer Reisverhalen