Op reis

Oefenen voor de grote reis

Ben je er ooit écht klaar voor?

11:11

Met een reis van twee, misschien wel drie jaar voor de boeg is het fijn om zeker te zijn van je zaak. Want van twijfel komt uitstel, of misschien zelfs afstel. Maud en Joris vertrekken komend voorjaar. Deze zomer zeilden zij hun generale repetitie. En hoe dat ging, lees je in Zeilen editie 01/2024!


Het is een donkere, maanloze nacht. Tijdens een bui net na middernacht trekt de wind aan naar 25 knopen en schiet af en toen door tot 30. We schrikken er een beetje van; op het programma stond een bescheiden 4 beaufort. Nu hebben we, met slechts één rif in het grootzeil, tev eel doek staan om comfortabel te zeilen. De smeerreep van het tweede rif hebben we echter een paar uur eerder weggehaald, omdat die te kort bleek voor het hagelnieuwe grootzeil – o ja, we hadden de zeilmaker zelf gevraagd de reefpunten wat hoger te plaatsen. Na wat kunst-en-vliegwerk staat het rif. Het gaat niet volgens het boekje, maar Jonathan ligt weer goed op het roer en we maken minder helling.

Het is een van de kortste nachten van het jaar, maar wat voelt hij eindeloos. Gelukkig is Irene mee, een vriendin van Maud. Een derde paar handen is onmisbaar, want we vertrouwen de onlangs geplaatste windvaanstuur-inrichting nog niet volledig. Om de beurt proberen we wat slaap te pakken, maar met het surfen op de golven lukt dat maar matig. Het resultaat is dat we uitgeput aan de volgende dag beginnen. Hoewel het eind juni is en de zomer toch eens zou moeten doorzetten, is het een gure ochtend. Het zicht is erg slecht, en we zien de industrie bij IJmuiden af en toe tussen de mistflarden door. We zijn maar wat blij met onze gloednieuwe ais, die voortreffelijk werkt.

Reflectie

Langzaam verdrijft de zon de mist en laaghangende wolken. Er verschijnen steeds meer stukjes blauwe lucht. Het is een wonder wat dat met het aanblik van de zee doet; hoewel het nog altijd flink waait, veranderen de onheilspellende, grauwe golven voor onze ogen in een steeds vriendelijkere watermassa. In de namiddag, nog geen 24 uur na vertrek uit Stellendam, varen we de haven van Vlieland binnen. Irene noteert in het logboek: “120 mijl gevaren, gemiddeld 6 knopen. Jonathan kan het goed aan, maar wij zijn kapot en twijfelen nog of het leuk is.” Uitgeput gaan we te kooi en slapen het klokje rond.
Het duurt even voordat we de eerste etappe van ons oefenvertrek een plekje kunnen geven. Zijn we volledig afgedroogd? Nee, dat niet. Er is niks stuk gegaan en afgezien van wat slaapgebrek gaat het goed met ons. Toch voelen we ons brak. De lijst met geleerde lessen is lang. In ons logboek schrijven we: “Zorg ervoor dat je altijd kunt reven, rust beter uit en test vooraf of de stuurautomaat of windvaan betrouwbaar is. Uren met de hand sturen blijkt extreem vermoeiend.” Gelukkig is er een externe factor die we de schuld kunnen geven: de haperende sluis bij Stellen- dam. Hierdoor vertrokken we later dan bedacht; het plan was in de middag te vertrekken en eerst een klein stukje
in te slingeren tot Scheveningen. Door onze verlate start kregen we haast en zetten we direct koers naar Vlieland.

Zeilen 1-2024

Zeilen 01/2024

Ben je benieuwd naar de rest van het verhaal? Bestel nu een digitaal jaarabonnement op Zeilen, dan heb je direct toegang tot dit artikel en vind je in ons digitale archief nog veel meer. Bestel hier.

Óf bestel een jaarabonnement 12x Zeilen+ digitaal lezen, dan krijg je maandelijks ons magazine thuisbezorgd én heb je met onze app altijd en overal de kennis van Zeilentot je beschikking. Bestel hier.

Omslagfoto en foto: © Joris Westerveld en Maud van der Schaaf
Tekst: Joris Westerveld

Tags: Last modified: 4 januari 2024
Sluiten