Op reis, Reisverhalen

Flessenpost Black Moon: hindernisbaan

Onze top 5 aan zeilhindernissen in Indonesië

15:00

Vanuit de kuip staren we naar de heldere sterrenhemel boven ons. Daartussenin wiegt het toplichtje van Black Moon. Haar buikje glijdt over een vlakke zee vol sterrenstof en zeevonk. Met een zaklamp schijnen we over de reling in het water. Zodra de lamp uitgaat lichten honderden kwallen op. Aan, uit, aan, uit. Ik krijg er geen genoeg van. Een foto ervan maken is zinloos. Het zijn museummomenten die aan onze privécollectie worden toegevoegd.

Tegen het einde van mijn wachtje zet ik de motor bij en maak ontbijt. Bij gebrek aan wind motorzeilen we al drie dagen, waarbij we ´s nachts niet veel meer doen dan driften. Niels komt langzaam uit bed en nestelt zich met een kop koffie bij me. “Fijn hè, weer op zee,” zeg ik. We hebben nog geen twee slokken op als de motor ineens begint te protesteren. Het toerental valt volledig weg en dan is het ineens stil.

“Ik leer veel te veel over deze motor,” herhaal ik dagelijks. Midden op zee is de interne workshop weer uitgestald. Na vier klusdagen is al het keuken- en toiletpapier er inmiddels doorheen. Het motorblok glimt van de diesel en de geur maakt ons misselijk. Ik offer een jurkje op, Niels een boxershort en de dag erop beiden nog eens een t-shirt. Vijf dagen spenderen we binnen in enkel ondergoed. Mijn bh zit onder de diesel- en olievlekken, maar dat maakt niet meer uit. De sluitingen waren toch al verroest door de zilte lucht.

Inmiddels kan ik ook vloeken als een bootwerker. Ik zit helemaal in mijn rol. “En als sleutelen aan een motor nog niet spannend genoeg is…,” antwoordt Niels steevast. “Dan is dat sleutelen midden op zee wel.” Elke tien minuten klauter ik door het trapgat, want de trap ligt al dagen horizontaal op de bank. Zonnebescherming aan, 360 graden rondkijken en het navigatiescherm controleren. Geen overbodige luxe, want er verschijnen continu obstakels aan de horizon. We concluderen dat Indonesië één grote hindernisbaan is. Dit is onze top 5.

Hindernis 1: Scheepsverkeer

“Er komt een tanker recht op ons af,” roep ik richting het motorruim. “We moeten echt de motor starten om uit te wijken!” Op de AIS (Automatic Identification System) kan ik de CPA (Closest Point of Approach) tussen de tanker en onszelf aflezen. In Indonesië is het verplicht om een AIS aan boord te hebben. Helaas zendt die van ons sinds een tijdje niet meer, dus kunnen andere boten ons niet plotten. Gelukkig kunnen we zelf nog wel ontvangen en zodoende weet ik dat de tanker slechts 15 minuten van ramkoers is. Vissers doen overigens niet aan AIS, en van navigatieverlichting zijn ze ook niet gediend. Met een enkele witte lamp proberen ze je aandacht te trekken om vervolgens naar rechts of links te schijnen, waarmee ze hun koersrichting aangeven. Oh, en dan zijn er nog verankerde FAD-boeien (Fishing Attracting Devices) en zelfs bamboehutten ter grootte van een tuinhuisje voor de visvangst. En deze zijn met een beetje pech onverlicht. Behouden vaart!

TIP: Draai het wachtsysteem van de nacht om met overdag, zodat ‘s nachts een extra persoon op de uitkijk kan staan (zelf doen we het niet, omdat het voor ons onmogelijk is om overdag in de hitte te slapen). Een extra bemanningslid kan anders ook nuttig zijn.

Een FAD-boei met vier grote vogels erop en een relatief klein vissersvlot.

Hindernis 2: Indonesië is HEEL uitgestrekt

Onze route door Indonesië loopt vanuit het noordoosten naar het zuidwesten. In totaal hebben we 2.000 mijl te overbruggen. Dit is vergelijkbaar met de Atlantische oversteek van de Canarische eilanden naar de Cariben. En dat is dus veel. Bovendien bestaat Indonesië uit ruim 17.500 eilanden waar we doorheen moeten manoeuvreren met daartussenin stroomwijzigingen en kans op windeffecten. Heel eerlijk, we hebben het doorkruisen volledig onderschat. Met slechts een visum voor twee maanden en de start vanuit het noordoosten in plaats vanuit het Zuidoosten (via de Torres Strait vanaf Darwin) komen we enorm in tijdnood. We bezoeken waarschijnlijk slechts een handvol eilanden, waaronder Biak, Raja Ampat, Molukken, Lombok en Bali. En dan zijn we nog maar net over de helft. Merendeel van de tijd brengen we door op zee. Een zee vol hindernissen.

TIP: De Noforeignland-app biedt (naast de standaard pilotboeken) praktische tips voor ankerplekken en faciliteiten, inclusief Google images van riffen en ondieptes (ook vooraf te downloaden, zodat je het offline kunt bekijken).

Onze route door Indonesië tot zover op Noforeignland.

Hindernis 3: Plastic soep

De zeeën, baaien en stranden liggen bezaaid met afval. Indonesië is met ruim 277,5 miljoen inwoners overbevolkt, maar het afvalprobleem is niet alleen hun schuld. De verpakkingen Unoxworsten komen toch echt uit Nederland. Wel blijken ze hier dol op plastic te zijn. Iedere appel of peer zit verpakt in zo’n kunststof-anti-deuk-netje, met daaromheen plasticfolie. Wanneer ik enthousiast naar mijn eigen rugzak of shopper wijs, wordt het stuk fruit alsnog steevast in een plastic tasje meegegeven. Voor boten is de plastic soep ook zeer risicovol. Het afval kan de inlaat van motoren met een koelwatersysteem verstoppen of de schroef verstrikken. Ook drijvende boomstammen kunnen de boot lelijk beschadigen, overdag zijn ze nog goed te spotten vanwege de vogels die erop meeliften. ‘s Nachts is het een ander verhaal.

TIP: Zorg voor duikgerei en gereedschap om eventueel vanuit het water de troep rond de schroef en uit de motorinlaat te verwijderen.

De fruitnetjes recyclen we om reservemotoronderdelen te beschermen.

Hindernis 4: Beperkte faciliteiten

Waar veel mensen wonen, daar rijden (vracht)auto’s. Dus zou brandstof geen probleem hoeven te zijn. Zo dachten we. Maar betrouwbare brandstof is een tweede. De minst slechte diesel in Indonesië is Dexlite (en de minst slechte benzine Pertamax 92). Omdat we de lange noordelijke route hebben genomen, om Papoea-Nieuw-Guinea heen, is Fiji onze laatste stop geweest die bootonderdelen faciliteert (en dan nog zeer beperkt). Omdat we niet via Nieuw-Zeeland of Australië hebben gezeild, moesten we in totaal zo´n 3.000 mijlen en 3 maanden zonder bootfaciliteiten doorkomen. De motor moeten we dus tijdelijk repareren met reserveonderdelen en slimme trucjes, totdat we in Lombok/Bali zijn. Ook hopen we daar onze AIS weer in orde te krijgen. We willen namelijk niet nog een Ship Crime Investigation ondergaan.

TIP: Bij onbetrouwbare diesel gebruiken we een mobiele elektrische pomp, met filter en waterafscheider, zodat het al een keer gefilterd wordt voordat het de hoofdtank ingaat.

Door de defecte dieselpomp te omzeilen met de elektrische pomp zijn we uiteindelijk veilig Lombok aangekomen.

Hindernis 5: Natuurelementen

En dan zijn er nog de elementen der elementen die alles en iedereen overstijgen: seizoenen, windstiltes, stromingen, squalls, donder en bliksem, windeffecten van 30+ knopen, de hitte van de zon en de stand van de maan. De reden waarom we nu Indonesië doorkruisen is vanwege de moesson, waarbij de wind ofwel zuidoost (mei tot september) ofwel noordwest (van november tot maart) staat. We zijn niet alleen in het verkeerde seizoen, de dagelijkse weersvoorspellingen kloppen zelfs van geen kant. We vermoeden dat het te maken heeft met het opkomende El Niño-seizoen dat effect heeft op de hele aarde.

TIP: Tijdens volle maan varen op zee is wellicht minder romantisch, maar die felle kosmische bouwlamp is zeer welkom bij het spotten van schepen, boeien, vlotten en boomstammen.

Ingepakt tegen de zon, anders verbrand je levend.

Zo schrijf ik tijdens mijn wachtje terwijl het nieuwe maan is. Ik ga maar weer verder met de kwallendisco. Of zouden het toch zwevende boterhamzakjes zijn?

Tekst en beeld: Greetje Tops

Tags: Last modified: 15 februari 2024
Sluiten