“Dit is het zwaarste stuk,” moedigt Niels me aan. “Ik zie je bovenaan”. En weg is ie. Zwijgend trap ik door. Ik overweeg om het staand te proberen, maar vertrouw het nog niet helemaal. Het trapasje begint harder en harder te kraken. Nee, gewoon blijven doortrappen. Spieren verzuren waarvan ik het bestaan niet meer kon herinneren.
Het is dan ook twee jaar geleden dat ik voor het laatst heb gefietst. We mochten twee vouwfietsen lenen van de werfbaas. “Op eigen risico,” voegde Vincent er nog aan toe. De fietsjes lagen ergens afgedankt en waren volgens hem kapot. Tussen de bootklussen door heeft Niels eraan gesleuteld. Als het bevalt adopteren we ze; de waterlijn is immers verhoogd. Dus. Laten we er eerst maar eens Hiva Oa mee verkennen.
Eerste halte: begraafplaats
Het uitzicht vanaf de begraafplaats is fenomenaal. Twee beroemdheden zijn hier ten rusten gelegd. Het eerste graf dat we zien is meteen de populairste: Jacques Brel. De Belgische zanger is hier in de jaren ´70 zeilend aangekomen. Vervolgens heeft hij zijn schip verruild voor een klein vliegtuig om nog sneller en makkelijker te kunnen eilandhoppen. Bijvoorbeeld naar eentje met een ziekenhuis. Hij is zelfs een initiatief gestart om mensen met zorgnood te transporteren. Zijn graf ligt bezaaid met handgeschreven steentjes.
Het andere graf is even zoeken. Niet zo gek, want het is ook wat ouder. De Franse schilder Paul Gauguin uit de vorige eeuw. Een vriendje van Vincent van Gogh. Zijn collectie aan kleurrijke schilderijen portretteren voornamelijk Polynesische meisjes… Zijn graf wordt zichtbaar minder geëerd. Daarentegen is er een heel museum aan hem gewijd en zijn er cruiseschepen die complete Gauguintours aanbieden.
:max_bytes(70000)/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2Fzeilenwp%2F2022%2F07%2FGraf-Jacques-Brel-scaled.jpg)
:max_bytes(70000)/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2Fzeilenwp%2F2022%2F07%2FGraf-Paul-Gauguin-scaled.jpg)
Tweede halte: museum
Al roetsjend van de bergheuvel fietsen we dwars door het centrum van Hiva Oa. De doe-het-zelf-zaak en het supertje kennen we inmiddels wel. We bekijken monumentale tiki´s op het artistieke plein vlak naast het museum. Hoewel deze naar Paul Gauguin is vernoemd, blijkt er ook een tentoonstelling te zijn ter ere van Brel. Helaas een apart entreebedrag. We kiezen voor onze Jacques. “Niet liever Gauguin?” De madam achter de balie kijkt ons verbaasd aan. Snel verslapt haar overredingskracht en graait naast sleutels naar hernieuwde energie. Dan sjokt ze voor ons uit, de tuin in.
We bewandelen een labyrint aan tiki´s. Ze opent de hangar en zet de schakelaar om. Brel zingt zijn lied: “Ne me quitte pas”. Oftewel: “Laat me niet alleen”. We proberen de inmiddels verbleekte Franstalige teksten te vertalen. Doen tussendoor een dansje. Als we na een tijdje nog steeds de eerste en enige bezoekers zijn, sluiten we de hangar in omgekeerde volgorde af en bedanken de madam. Meesterlijk cultureel bezoekje als je het ons vraagt.
:max_bytes(70000)/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2Fzeilenwp%2F2022%2F07%2FCentre-Culturel-Paul-Gauguin-1024x683.jpg)
Derde halte: liefdesbankje
In onze rugzak zitten twee mini-tiki´s uit buureiland Nuku Hiva. We zoeken een leuke plek voor een fotoshoot met deze Polynesische houten poppetjes. Pardon: vooroudergoden. Ieder eiland heeft zijn eigen karakters, maar in de hele Markiezen representeren tiki’s voorouders of zelfs de eerste mens op aarde.
Naar traditie breng je een offer aan een tiki voor goed geluk. Wij geven een creatieve draai aan ons liefdeskoppeltje. Ze representeren namelijk Niels´ ouders die 40 jaar getrouwd zijn. Natuurlijk is het jammer dat we daar niet in levende lijven bij kunnen zijn, dus dan bedenken we iets symbolisch. Ze reizen met ons mee totdat we ze persoonlijk cadeau kunnen doen.
:max_bytes(70000)/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2Fzeilenwp%2F2022%2F07%2FFotoshoot-met-tiki%C2%B4s-scaled.jpg)