Voor zeilers, door zeilers

Het hele verhaal van twee halve boten

Twee twintigers met een tussenpensioen

Het hele verhaal van twee halve boten

Onze bijboot. Hij is anders, valt op, bij zeilers en niet-zeilers. Regelmatig horen we ineens iemand roepen: "Hey Snoopy!" Mensen worden spontaan vrolijk als ze ons vrolijk gekleurde bootje zien en 'Snoopy' blijkt in elke taal een herkenbare en eenvoudig uitspreekbare naam. Al regelmatig hebben we de vraag gekregen of we Snoopy zouden willen verkopen of ruilen, maar er is geen haar op ons hoofd die er aan denkt. Zelf worden we namelijk ook vrolijk van ons bootje, wat ons trouw overal van de boot naar de wal en uiteraard weer terug brengt.

 Niels en Rosan zijn in 2023 vertrokken voor een reis van vijf jaar met hun Sigma 38OOD zeilboot. De twintigers zijn, zoals ze dat zelf zeggen, met tussenpensioen. Voor Zeilen doen ze verslag van hun droomreis. Daarnaast houden ze een vlog bij op hun YouTube-kanaal.

Snoopy valt vooral op door de vrolijke oranje accenten én door het feit dat het een hard bootje is in plaats van een opblaasboot. Mensen vragen ons vaak hoe we dat bootje nou opbergen, of het niet onhandig is dat we hem niet leeg kunnen laten lopen. Dat is dan het moment waarop het meest bijzondere aan onze bijboot aan het licht komt: het bootje kan doormidden! De voorste helft past vervolgens precies in de achterste helft. Daardoor kunnen we het bootje in de helft van de ruimte opbergen, en past het dus prima aan dek. Dat levert vaak nog meer vragen op: Waarom hebben jullie zo’n bootje, en hoe ben je er aan gekomen?

Laten we beginnen met die eerste vraag: waarom een deelbare harde bijboot en niet gewoon een simpele rubberen opblaasboot? Dat heeft vooral te maken met inspiratie die we kregen van het bekende YouTube-kanaal van Sailing Yacht Florence. Zij varen rond met zo’n deelbaar bijbootje en het leek ons fantastisch om iets vergelijkbaars te hebben. Je kan met zo’n bootje namelijk twee dingen die je met een opblaasboot niet (zo goed) kunt: roeien en zeilen. Zonder een lawaaiige motor bij de kant kunnen komen in een afgelegen tropisch paradijs, dat leek ons wel wat. Vanaf de boot gewoon lekker een rondje kunnen zeilen zonder een uur werk om de boot klaar te maken, anker op te gaan en alles zeevast te zetten, ook dat trok ons wel. En dus begonnen we ons wat verder in dat soort bootjes te verdiepen.

We kwamen er achter dat het begrip: zeilende deelbare nestende bijboot een heel ding is. Ze worden vrijwel nergens verkocht, maar er zijn wel bouwtekeningen beschikbaar en vaak worden dat soort bijbootjes dan ook zelf gebouwd. Dat had voor ons een oplossing kunnen zijn, maar: we hadden geen ervaring, geen tijd, geen ruimte en niet genoeg budget om helemaal zelf een deelbare zeilende bijboot te gaan bouwen. Helaas, dan maar niet. Of...

Als je een deelbare bijboot bouwt, dan bouw je in principe eerst de volledige boot, daar zet je twee schotten in, en vervolgens zaag je die boot dan door de midden om de twee helften te krijgen. Maar als je dat met een nieuw gebouwde boot kunt doen, zou het dan niet ook met een bestaande boot kunnen?

En zo begon een vreemde zoektocht: namelijk de zoektocht naar een boot om door de midden te kunnen zagen. We hadden een paar criteria: het moest een enkelwandig bootje zijn, rond de drie meter lang, en de voorste helft zou in de achterste helft moeten passen. Het duurde even, maar uiteindelijk vonden we het perfecte bootje, compleet met volledig zeiltuig. We zaagden het bootje doormidden, maakten van beide helften weer individuele bootjes, en zorgden er vervolgens voor dat we met 5 bouten die twee halve bootjes weer aan elkaar konden zetten om een volledige boot te vormen. Het was uiteindelijk heel wat maanden werk, maar nu hebben we naast onze droomboot ook onze droombijboot!

We hadden wel wat twijfels. Voor zover we na konden gaan was dit concept compleet nieuw en we hadden dan ook geen idee of het wat zou worden. Vooral over de sterkte van de constructie maakten we ons zorgen, en het had ons niet verbaasd als het bootje het na een paar maanden intensief gebruik op had gegeven. Maar niets bleek minder waar. We zijn inmiddels twee jaar verder en Snoopy brengt ons nog steeds trouw overal heen. Wel zijn er in de tussentijd was aanpassingen gedaan.

Op Tobago sloegen we met Snoopy over de kop in een brekende golf bij het strand. Dat bleek niet zo goed te zijn voor het achterste schot: er ontstond een beetje ruimte tussen het schot en de wand van het bootje. Een beetje epoxy en wat lijmklemmen, en het was weer opgelost.

Uit de achterste luchtkast moesten we een driehoekje weghalen en daarna weer dichtmaken om ervoor te zorgen dat de punt van de voorste helft daar mooi langs zou passen. Het weer dichtmaken van de luchtkast was een uitdaging omdat we er alleen vanaf de buitenkant bij konden. De constructie bleek niet stevig genoeg, want op Martinique begon het nieuw ingezette driehoekje los te laten. Met wat extra epoxy, wat matjes en een aantal schroefjes hebben we dat weer op kunnen lossen en nog veel steviger kunnen maken.

Onder dat wat je de kuiprand van het bootje zou kunnen noemen hebben we op Curaçao een aantal verstevigingen aangebracht. Zowel op de punt als op de twee hoeken van de spiegel hebben we onder de rand een paar stukjes hardhout ingelamineerd. We merkten namelijk dat daar snel beschadigingen ontstonden als het bootje ergens tegenaan kwam of op bleef hangen. Ook op de plek waar de roeidollen zitten zagen we steeds meer beweging komen, en dus zijn ook daar verstevigingen aangebracht.

Ook het tuig bleek wat oud. Al vrij snel begonnen er wat popnagels los te laten in de mast. De losse popnagels boorden we eruit en vervingen we door nieuwe. Opgelost. Minder makkelijk oplossen was het toen we zeilend een keertje omsloegen en de pen waarmee de giek op de mast vastzit boog en brak. Gelukkig was de pen erg lang, konden we er een stukje af zagen en vervolgens met een stukje draadeind de originele bevestiging weer herstellen. Opgelost!

Snoopy had een opklapbaar zwaardje. Een mooi systeem, maar de zwaarkast was zo lang dat ook die doormidden moest toen we het bootje doormidden zaagden. We hebben wat aanpassingen gedaan aan de zwaarkast en er een ‘normaal’ zwaardje voor gemaakt. Maar toen we op de Marquesas tot twee keer toe iets te hard op het strand terecht kwamen, beschadigde de zwaardkast. Die moet dus nog hersteld worden, maar dat wordt een klusje voor in Nieuw-Zeeland over een aantal maanden. Verder op de kluslijst: opnieuw schilderen en het roertje opklapbaar maken zodat we (als we het zwaardje op tijd om hoog halen) makkelijker het strand op kunnen zeilen.

Meer weten over ons bootje en hoe we het gebouwd hebben? Dat zie je in onze vlog!