Voor zeilers, door zeilers

Windvaanwijsheid in de Pacific: van rust naar ruigheid

Twee twintigers met een tussenpensioen: The Dangerous Middle

Windvaanwijsheid in de Pacific: van rust naar ruigheid
Windvaanwijsheid in de Pacific: van rust naar ruigheid

Niels en Rosan zijn in 2023 vertrokken voor een reis van vijf jaar met hun Sigma 38OOD zeilboot. De twintigers zijn, zoals ze dat zelf zeggen, met tussenpensioen. Voor Zeilen doen ze verslag van hun droomreis. Daarnaast houden ze een vlog bij op hun YouTube-kanaal.

De windvaanstuurinrichting achter op onze boot is fantastisch. Zonder elektriciteit te verbruiken én zonder zelf te hoeven sturen varen we moeiteloos honderden mijlen. Kleine schommelingen in de wind maken niet uit, we draaien rustig mee en kunnen de zeilen met rust laten. Die staan altijd goed. Belangrijk is wel dat de boot goed getrimd is. Niet te veel zeil, de schoot in de juiste positie, de rails van de genua op de juiste plek. Zolang we ervoor zorgen dat het drukpunt van de zeilen op de juiste plek zit werkt de windvaan perfect. Daar hebben we in het begin best wat mee lopen klooien, maar inmiddels hebben we het trucje door.

Ook vannacht varen we op de windvaan. We zijn onderweg van de Cook Islands naar het meest noordelijke eiland van Tonga en deze nacht is waarschijnlijk de laatste. Als het een beetje mee zit komen we de komende dag aan, maar dan moet de wind wel blijven waaien en dat is nog even de vraag. De weermodellen zijn het er over eens dat er iets gaat veranderen, maar ze geven allemaal een andere windrichting aan en variëren van windstil tot 16 knopen wind. Rosan heeft me al 5 keer gevraagd wat de wind nou gaat doen op de laatste dag, maar het enige wat ik durf te zeggen is: veranderen. Ik zit even te rekenen of we de laatste 24 uur zouden kunnen motoren als dat nodig is, maar wordt uit m'n gedachten gehaald voordat ik het antwoord heb. De golfslag verandert namelijk ineens. Een blik op de instrumenten is genoeg: we zijn ineens 150 graden bijgedraaid! Dat betekent dat we bijna terugvaren en dat is natuurlijk niet de bedoeling.

Ik kom onder de buiskap vandaan en scan de lucht om mee heen. Er zit duidelijk een bui boven ons, maar er lijkt niet veel regen te gaan komen en ook de toename van de wind blijft nog uit. Wat te doen...? Bijsturen en de zeilen aanpassen kan, maar met het risico dat de wind straks weer bijdraait en ik nog een keer aan de slag moet. Dat is op zich niet zo erg, maar het is nacht en dus ligt Rosan te slapen. Die wordt ongetwijfeld wakker van dergelijke acties en dat moeten we zien te voorkomen. Ik besluit het nog even aan te kijken.

10 minuten later is de windrichting onveranderd. Toch maar actie ondernemen dan. Enigszins gedesoriënteerd door de grote koerswijziging van zojuist moet ik even goed nadenken of we nu moeten gijpen of dat we overstag moeten. Beide kanten langs zou kunnen, maar ik besluit voor gijpen te gaan.

20 minuten later ben ik twee keer gegepen en varen we weer exact hetzelfde als een uur terug. De bui is voorbij getrokken, de wind is terug naar normaal en de rust op de boot is wedergekeerd. Mijn shift zit er inmiddels bijna op, ik kijk er al naar uit om m'n bedje in te kruipen zo, maar de wind heeft andere plannen...

Rosan is net buiten en ik ben net binnen als de wind flink ineens aantrekt. Vlagen tot 30 knopen van achteren. Op zich prima te doen, maar wel iets om in de gaten te houden. We besluiten daarom dat het wel handig is als ik nog even stand-by blijf. Zo wordt mijn bedtijd iets uitgesteld, maar dat kunnen we hopelijk komende nacht compenseren, als we dan inderdaad op ons bestemming aan zijn gekomen.

Een half uurtje later dan gepland gaan mijn ogen dicht, maar dat blijven ze niet zo lang als ik graag had gewild. Ruim voordat mijn wekker weer gaat wordt ik wakker door een verandering in de beweging van de boot en het geluid van veel wind. Direct besef ik me: dit kon wel eens heftig worden. Ik spring me bed uit, schiet wat kleren en m'n zwemvest aan een ga snel naar buiten. Daar staat Rosan al te stoeien met het grootzeil en de windvaan. De genua is nog ingerold van de wind van vanochtend. "Niels! Ik weet even niet meer wat ik moet doen!" Het is nogal chaotisch zo. De windvaan redt het niet meer om ons op koers te houden, de wind huilt met 37 knopen door het tuig en komt bovendien ineens uit de richting waar we heen moeten. Door de plotseling draaiing van de wind liggen we ook vreemd op de golven. Dat wordt handsturen! Met enige moeite weet ik achter het stuurwiel te komen. Windvaan ontkoppelen en daar gaan we.

Dit stuk tussen de Cook Islands en Tonga wordt ook wel The Dangerous Middle genoemd. Er zijn weinig eilandje om naar uit te wijken en, zoals we zelf inmiddels ook geconcludeerd hebben: het weer is er berucht lastig te voorspellen. Maar we hebben er wel mee te dealen, eens even kijken wat het handigste is.

Voor de wind gaan varen ligt het meest voor de hand, maar aan de lucht te zien blijft het voorlopig wel waaien en dan varen we wel heel erg hard bij onze bestemming vandaag. Halve wind zou kunnen, maar dan is het, in ieder geval op onze boot, lastig om bij een stevige vlaag de druk in het grootzeil goed kwijt te raken. Bovendien varen we dan nog steeds bij ons bestemming vandaan, zij het wat minder hard. Met wat uitproberen kom ik uit op een koers van 60 graden ten opzichte van de schijnbare wind. Zo kunnen we vlagen goed opvangen door iets op te loeven, liggen we mooi op de meeste golven die er nu voorbij komen en hebben we bovendien een mooie snelheid. Wat zeg ik, een fantastische snelheid! Met 7,5 tot 8 knopen schieten we vooruit. Echt comfortabel is het niet; Rosan ligt zeeziek onder de buiskap en ik sta, af en toe naar adem happend door een plens buiswater, achter het stuurwiel. Rosan kijkt, logischerwijs, niet zo vrolijk. Ik heb echter een grijns van oor tot oor op m’n gezicht…

Zo varen we een paar uur door, totdat de zee iets constanter is een de wind en paar knopen afneemt. Voorzichtig probeer ik of de windvaan het sturen weer over wil nemen. Het lukt! Maar we hebben nog steeds ruim 30 knopen wind en voor de zekerheid blijf ik er wel bij zitten om snel in te kunnen grijpen. Het gaat allemaal goed en net als binnen mijn wekker gaat om aan te geven dat ik weer wakker moet worden, kruip ik terug in de beschutting van de buiskap. De wind is wat bijgedraaid, afgenomen tot iets onder de 30 knopen en we varen nu met 7 knopen op onze bestemming af. Vandaag voor het donker aankomen zou moeten lukken!