Marifoon
Nieuws

Zo regel je het gebruik van een marifoon aan boord

Regel je certificaat, registratie bij RDI en programmeer je toestel correct voor veilig varen.

Roos Bähr
2 minuten

Een marifoon aan boord vergroot niet alleen de veiligheid op het water, maar is op veel vaargebieden inmiddels onmisbaar. Je communiceert eenvoudig met brug- en sluiswachters, havenmeesters en andere scheepvaart. Toch mag je een marifoon niet zomaar gebruiken. In Nederland heb je hiervoor een bedieningscertificaat nodig én moet de apparatuur geregistreerd staan. Gelukkig is het regelen daarvan overzichtelijk. Met onderstaande stappen ben je snel klaar om volgens de regels en veilig het water op te gaan.

Stappenplan marifoon gebruiken

1. Kies het juiste certificaat

Bepaal welk bedieningscertificaat je nodig hebt:

  • Basiscertificaat Marifonie
  • Marcom-B
  • Marcom-A

Voor recreatievaart op binnenwateren is het Basiscertificaat meestal voldoende.

2. Doe examen bij het CBR

Meld je aan voor het theorie-examen via het CBR.
Voor Marcom A en B hoort daar ook een praktijkgericht examen bij.

3. Vraag je bedieningscertificaat aan

Na het behalen van je examen vraag je officieel je certificaat aan via het CBR.

4. Registreer je marifoon

Log in met DigiD bij Mijn RDI en registreer je apparatuur onder: ‘Melding frequentiegebruik maritiem’.

5. Ontvang je maritieme codes

Na registratie ontvang je:

  • een callsign (radioroepnaam)
  • een ATIS-code (Automatic Transmitter Identification System)
  • eventueel een MMSI-nummer voor DSC-noodoproepen
    (DSC staat voor Digital Selective Calling. Dat is een functie op moderne marifoons waarmee je digitaal nood-, spoed- en oproepberichten kunt versturen).

6. Programmeer de marifoon

Voer de ontvangen gegevens correct in de marifoon in. Veel moderne toestellen kunnen dit slechts één keer invoeren, dus controleer alles goed.

7. Neem je documenten mee aan boord

Zorg dat je tijdens het varen altijd bij je hebt:

  • je bedieningscertificaat
  • het registratiebewijs van de marifoon

Gevolgen van verkeerd gebruik

Wanneer je maritieme zendapparatuur niet correct is geprogrammeerd, kan dit ertoe leiden dat hulpdiensten je niet of minder goed kunnen bereiken en ondersteunen. Als toezichthouder controleert het RDI of radiozendapparatuur correct is geregistreerd en de juiste identificatiecodes uitzendt. Wordt tijdens een controle vastgesteld dat je een onjuiste identificatie gebruikt, zoals een verkeerde ATIS-code of MMSI, dan kunnen zij hiervoor een sanctie opleggen.

Let op: In Nederland is een marifoon verplicht op pleziervaartuigen die langer zijn dan 20 meter. Voor boten korter dan 20 meter is een marifoon niet verplicht. In België ligt deze grens lager: daar geldt de verplichting al voor pleziervaartuigen vanaf 7 meter lengte (en je moet het bijhorende brevet op zak hebben).

Marinus van Sijdenborgh de Jong