De lagere Cariben zijn al jaren een populaire winterbestemming voor zeilers. Maar wie de laatste maanden de internationale berichtgeving volgt, ziet dat het er niet rustiger op wordt. De Amerikaanse Southern Command (SOUTHCOM) voert in de regio actief operaties uit tegen drugssmokkel, wat betekent dat er meer patrouilleschepen, drones en verkenningsvliegtuigen rondvaren en -vliegen dan normaal.
Voor de meeste zeilers verandert er gelukkig weinig, maar organisaties als Ocean Posse (een netwerk van meer dan 1500 cruisers) zien genoeg aanleiding om wél alert te zijn. Daarom is er sinds kort een vrijwillig meldsysteem om recreatieve schepen beter herkenbaar te maken voor militaire eenheden.
Waarom dat systeem er kwam
Volgens Dietmar Petutschnig, oprichter van de Ocean Posse, draait het om één ding: zorgen dat militairen niet hoeven te raden of een onbekend radardotje een smokkelboot of een cruisende Hallberg-Rassy is.
“Patrouilleschepen en vliegtuigen moeten soms binnen minuten beslissen of een contact onschuldig is,” zegt Petutschnig. “Hoe duidelijker wij zijn over wie we zijn en waar we varen, hoe kleiner de kans op misverstanden.”
Dat klinkt dramatisch, maar het past in een bredere trend: drugskartels schakelen steeds vaker over op slimmere, minder voorspelbare transportmethoden. En hoe meer een smokkelboot lijkt op een gewone toerboot, hoe lastiger het wordt om het verschil te zien – vooral van bovenaf.
Wat wordt er van zeilers verwacht?
Het meldsysteem is vrijwillig, maar wordt wel breed geadviseerd voor iedereen die de komende tijd in “hotter” passages tussen bijvoorbeeld Colombia, Panama en de oostelijke Cariben vaart.
Een paar voorbeelden van wat je kunt doen:
- Updaten van je MarineTraffic-profiel met recente foto’s van je boot, liefst van bovenaf genomen.
- Basisinformatie compleet invullen: afmetingen, type, kleurstelling, thuishaven.
- Je positie vaker delen via AIS – ook als je dat normaal liever uit laat.
Volgens SOUTHCOM is MarineTraffic een nuttige open-source referentie voor niet-commerciële schepen. Hoe beter een boot herkenbaar is, hoe eenvoudiger het is om aan de kant te blijven van het 'goede verhaal'.
Is het echt zo riskant?
Er wordt door sommige media flink uitgezoomd op worst-case-scenario’s zoals dronevergissingen of incidenten uit het verleden. De realiteit: de kans dat een recreatieboot in de problemen komt door militaire activiteit blijft klein, maar is niet nul.
Daarom adviseert Ocean Posse hun leden vooral pragmatisch te blijven.
Net als bij orkaanseizoenen of piraterijzones komt het neer op hetzelfde principe: situational awareness. Je zorgt dat militairen weten waar je bent – en je bepaalt zélf of en wanneer je bepaalde routes liever vermijdt.
Waarom blijven cruisers tóch gaan?
Want de vraag wordt geregeld gesteld: waarom varen zeilers nog steeds richting het gebied als de risico’s toenemen?
Petutschnig heeft daar een nuchter antwoord op: “In de winter blijft het Caribisch gebied een van de mooiste plekken ter wereld om te zeilen. Warm water, stabiel weer, korte afstanden – dat is moeilijk te weerstaan.”
Voor de meeste zeilers wegen die voordelen nog altijd zwaarder dan een verhoogde militaire aanwezigheid. Maar de boodschap van Ocean Posse is duidelijk: geniet van je tocht, maar ga niet onvoorbereid op pad.
Wat betekent dit voor Nederlandse zeilers?
Veel Nederlandse vertrekkers kiezen in hun eerste jaar routes via de Kaapverden en Barbados, of via de ABC-eilanden richting Panama. Vooral in de buurt van de Zuid-Amerikaanse kust kan het drukker worden met militaire patrouilles.
Praktisch advies:
- Zorg dat je AIS goed werkt.
- Houd maritieme veiligheidsberichten bij (Navtex, SafetyNET, WhatsApp-groepen van cruisers).
- Maak je boot gemakkelijk herkenbaar – foto’s helpen écht.
- En: voel je nooit verplicht om in een gebied te blijven waar jij je niet prettig bij voelt.
- Loose cannon