Zeemanschap

Veilig en ontspannen ankeren: zo doe je dat

Het verstandig om vanaf het begin een vaste ankerroutine aan te leren.

Redactie Zeilen
3 minuten
Ankeren

De eerste keer dat je gaat ankeren is alles nieuw. Juist daarom is het verstandig om vanaf het begin een vaste ankerroutine aan te leren. Die hoeft niet ingewikkeld te zijn, zolang je steeds dezelfde volgorde van de handelingen aanhoudt. Zo verklein je de kans op fouten en weet je zeker dat je niets vergeet.

Kies een geschikte ankerplek

Een goede voorbereiding begint met het kiezen van een geschikte ankerplaats. Zoek op de waterkaart een beschutte plek die bescherming biedt tegen de verwachte wind en golfslag. Houd rekening met de weersverwachting, zodat een winddraaiing de ankerplaats niet verandert in lagerwal. Op getijdenwater spelen ook stroom en getij een belangrijke rol bij de keuze van een ankerplek.

Kies een waterdiepte waarbij je voldoende ankerketting of ankerlijn kunt uitzetten. De ankerplaats moet bovendien voldoende ruimte bieden om de boot vrij rond het anker te laten zwaaien. Controleer daarom vooraf de zwenkcirkel en houd rekening met andere schepen, ondiepten en de wal.

Op de waterkaart zie je meestal ook uit welke bodem de ankerplaats bestaat. Zand, stevige modder en klei geven de meeste moderne ankers de beste grip. Een bodem met veel waterplanten is minder geschikt, omdat het anker zich daar moeilijk kan ingraven.

In Nederland mag je op veel plaatsen ankeren, zolang je de scheepvaart niet hindert. Houd daarom voldoende afstand tot vaargeulen, bruggen, sluizen en steigers. Verboden ankergebieden staan op de waterkaart aangegeven.

Bereid het ankeren voor

Bepaal vóór aankomst de waterdiepte en bereken hoeveel ankerketting of ankerlijn je nodig hebt. Leg het anker gebruiksklaar en controleer of de ketting of lijn in goede staat verkeert en goed aan het anker is bevestigd.

Bij een volledige ankerketting is drie tot vijf keer de waterdiepte meestal voldoende. Bij harde wind of wanneer je met ankerlijn werkt, steek je meer lijn of ketting. Hoe langer de ketting of lijn, hoe vlakker de trekkracht op het anker en hoe beter het zich kan ingraven. Bij een te korte lijn neemt de kans toe dat het anker gaat krabben.

Tip: Markeer de ankerketting of ankerlijn op vaste afstanden. Zo zie je tijdens het vieren direct hoeveel meter je hebt gestoken.

© Marinus van Sijdenborgh de Jong

Breng het anker uit

Benader de ankerplek tegen de wind in. Op getijdenwater is het vaak beter om de ankerplek tegen de stroom in aan te varen, omdat de boot zich daar meestal op oriënteert. Laat de boot vrijwel stilvallen en geef vervolgens een klein beetje gas achteruit, zodat de boot langzaam achteruit beweegt.

Laat het anker rustig zakken zodra de boot achteruitgaat. Gooi het anker niet overboord met de ketting erachteraan. Daardoor komt het vaak verkeerd op de bodem terecht en graaft het minder goed in.

Geef eerst ongeveer twee keer de waterdiepte aan ketting en laat de boot rustig achteruit drijven. Leg daarna verder uit tot de gewenste lengte en geef geleidelijk meer vermogen achteruit, zodat het anker zich goed kan ingraven.

Houd er rekening mee dat elk type anker zich anders gedraagt. Zorg daarom dat je weet hoe het anker aan boord werkt en welke eigenschappen het heeft.

Controleer of het anker houdt

Wanneer voldoende ketting uitstaat en deze strak komt te staan, controleer je of het anker houdt. Geef geleidelijk achteruitvermogen tot ongeveer half tot driekwart motorvermogen. Zo trek je het anker stevig in de bodem.

Controleer ondertussen of de boot op dezelfde plaats blijft liggen. Dat kan met een kaartplotter of anker-app, maar ook door een peiling op de wal te nemen. Kies daarvoor een herkenningspunt dat je ook in het donker gemakkelijk terugvindt.

Houd gedurende ten minste een halve minuut achteruitvermogen om het anker goed in te graven. Controleer vervolgens nog enkele minuten of de boot op dezelfde plaats blijft liggen. Verplaatst de boot zich niet, dan kun je ervan uitgaan dat het anker goed houdt.

Tip: Zet een waypoint of start een track in de navigatiesoftware. Zo zie je direct of de boot zich verplaatst.

Tip: Ga niet direct met de bijboot op pad of aan wal. Controleer eerst enige tijd of het anker betrouwbaar houdt.

Ankerbol

Gebruik je een volledige ankerketting, bevestig dan een ankerveer of snubberlijn met een duivelsklauw aan de ketting. Zet de lijn vast op een kikker op het voordek en vier de ketting daarna iets, zodat de snubberlijn de trekkrachten opvangt. Dat vermindert de belasting op de ankerketting en de ankerlier en voorkomt schokken in de boot.

Hijs vervolgens de ankerbol. Blijf je na zonsondergang voor anker liggen, voer dan ook het voorgeschreven ankerlicht.

© Peter Schermer

Gebruik een ankeralarm

Een ankeralarm op de kaartplotter of in een navigatie-app geeft extra zekerheid, vooral tijdens de nacht. Stel de alarmafstand niet te klein in, anders gaat het alarm af terwijl de boot zich nog binnen de normale zwenkcirkel bevindt.

Ligt het anker goed vast, dan is het tijd om te ontspannen en te genieten van die lange zomeravond op het water.

Meer Zeemanschap