Zeilers houden van de natuur, zolang die zich maar niet vestigt op de onderzijde van hun boot. Dan is het ‘aangroei’ en ongewenst. Spreken we in het Nederlands nog relatief vriendelijk over ‘aangroei’, het Engels windt er geen doekjes om met de term fouling, ofwel vervuiling. De lijst met aangroeiwerende middelen is lang en haast eindeloos, maar niet alles werkt even goed en lang niet alles mag in en rond Nederland worden gebruikt.
Biologieles op je boot
Als je boot in de kraan hangt, zie je opeens dat op je onderwaterschip een complete beschaving blijkt te wonen. Wat of wie woont er zoal op je boot? Na een of twee seizoenen komt je boot hoe dan ook begroeid uit het water. Welke soorten zijn eigenlijk zo onverschrokken dat het ze lukt om van een giftige ondergrond hun thuis te maken?
Eerste laag: bacteriën en diatomeeën
“De eerste laag aangroei vormt zich al na een paar dagen in het water,” vertelt Edwin Foekema, ecotoxicoloog bij het mariene onderzoekscentrum van de Wageningen Universiteit. “De eerste laag bestaat uit bacteriën. Die scheiden een soort lijm uit van eiwitten waarmee ze zich aan de romp vastplakken. Een natuurlijke primer dus.” Een paar dagen langer in het water volgt een laag van eencellige algen, zogeheten diatomeeën. Deze organismen zijn onmis baar voor de planeet: ze komen in bijna alle wateren voor en produceren een groot aandeel van de zuurstof in de atmosfeer. Er zijn meer dan vijftienduizend soorten, en onder de microscoop zien ze er prachtig uit vanwege hun kunstzinnig gevormde huisjes van silicaat. Onderzoek heeft aangetoond dat deze eerste laag, die met het blote oog nog weinig lijkt voor te stellen, bij grotere schepen al voor veel extra weer stand zorgt en kan leiden tot een verhoogd brandstofverbruik van wel 20 procent.
Foekema: “Een laagje diatomeeën vormt het perfecte substraat voor meer onder waterleven: vanwege de skeletjes is de ondergrond een beetje ruw geworden.”
Tweede laag: algen en dieren
Nu is het grotere werk aan de beurt: de baard die we als het meest storend ervaren. Die bestaat uit zowel algen als dieren. Groen, bruin en roodwieren vallen onder de eerste categorie. Wat daarvan precies op je romp terechtkomt, is maar net afhanke lijk van wat er op dat moment in het water zweeft. “Het voorjaar is een goede tijd voor algen,” zegt Foekema. “Tijdens de winter
is de voorraad voedingsstoffen in het water opgebouwd. In de lente is er veel zonlicht en kunnen de algen hun slag slaan.”
Zoet versus zout
Al het vorenstaande komt voor op zowel zoet als zoutwater. Dierlijke aangroei is in zoetwater zeldzamer dan op zout. Daar is een evolutionair zeer logische verklaring voor.
“Zeedieren moeten kunnen omgaan met turbulent water,” licht Foekema toe.
“Schaaldieren zoals zeepokken en schelpdieren zoals oesters en mosselen kunnen zich daarom zeer goed vastmaken aan hun ondergrond. Zoutwatermosselen verankeren zich aan hun substraat met ankerdraden, en de schelp van oesters groeit fysiek vast aan de ondergrond.”
Als je op zout ligt, is het verstandig om af en toe een paar weken op zoet te varen. Foekema: “Mosselen houden het een paar dagen uit door hun schelp te sluiten, maar op een gegeven moment leggen ze het loodje en laten ze je boot los.”
Deze bekende truc werkt niet voor alle soorten: sommige dieren bouwen een stevig huis van kalk dat er niet zomaar afvalt, zoals de in Zeeland gevreesde trompet kalkkokerworm. Ook die overleven niet lang in zoetwater, maar hun huisjes van kalk krijg je alleen weg met een stevige schrobbbeurt.
Vier keer aangroeiwering
Redactieboot Zoef gebruiken we niet alleen om door heel Nederland en België te crossen, soms fungeert hij ook als proefkonijn. Bijvoorbeeld om vier soorten aangroeiwerende middelen op te testen.
Vier verschillende soorten antifouling zetten we in februari 2022 op onze redactieboot Zoef. Van voor naar achter: biocidevrij alternatief (wrap) Finsulate Lakegrade, koperhoudende en licht slijpende Epifanes CopperCruise, zelfslijpende koperhoudende International Cruiser One, en zelfslijpende kopervrije, zinkhoudende Epifanes FoulAway.
Gedurende twee seizoenen zeilen we in en rond Nederland, zowel op zoet als op zout water. Nu en dan liggen we een paar maanden stil, soms zeilen we een paar dagen en dan is de boot weer een maand onafgebroken onderweg. In tussentijd gaat de boot er niet uit en poetsen we de romp ook niet. Tot de boot in augustus 2023 niet meer vooruit te branden is en we tussentijds zo goed mogelijk krabben. Alle systemen zijn dan aangegroeid en vertonen zowel slijm, pokken als kokerwormen. De Finsulate lijkt iets meer aangegroeid te zijn dan de rest, maar het gaat er overal vrij makkelijk af. De verf op de roeren, International Cruiser One en Epifanes FoulAway, komt er (zoals verwacht mag worden van zelfslijpende antifouling) buitengewoon gemakkelijk af. Na de eerste krabbeurt zeilt de boot ruim een knoop sneller.
Uit het water
Eind december 2023 halen we onze redactieboot bij Rhebergen in Amsterdam uit het water. De inspanningen van de eerste krabbeurt zijn duidelijk zichtbaar. Het beter gekrabde bakboord is nog vrijwel helemaal schoon, sommige delen van stuurboord zijn ook tamelijk schoon. De twee jaar niet gekrabde delen zijn, ongeacht het antifoulingsysteem, vol gegroeid met pokken en kalkkokerwormen.
Krabben en afspuiten
Krabben kost iets meer moeite op de Finsulate door de weerstand van de zachte onderlaag. De basis van de pokken blijft wat makkelijker zitten op de onderlaag, omdat je er makkelijk overheen steekt met de krabber.
De pokken die eraf komen lijken een afdruk achter te laten. Of de haartjes ook loskomen is niet duidelijk.
De losse hoekjes in de wrap zijn waarschijnlijk ontstaan bij de eerste keer krabben. Bij de tweede keer krabben komt er niets meer los. Hoe schoon de Finsulate is na afspuiten, is moeilijk te zien, maar het water dat eraf drupt is donker. Er komt dus veel vuil uit.
De lichtblauwe Epifanes CopperCruise blijft, geheel volgens de beschrijving, vrij goed zitten op de onderlaag, ondanks stevig krabben. De aangroei komt er gemakkelijk in zijn geheel af. Het resultaat na afspuiten is redelijk schoon en glad.
De rode International Cruiser One komt bij het krabben zoals verwacht (hij is immers zelfslijpend) gemakkelijk mee met de aangroei. De aangroei komt er verder gemakkelijk af. Na afspuiten levert deze antifouling het schoonste en gladste resultaat.
De donkerblauwe Epifanes FoulAway komt er eveneens gemakkelijk af. De aangroei komt hier op sommige plekken makkelijker los dan op andere plekken. Dat zien we ook terug bij het afspuiten.
Gebruiksaanwijzing?
De meeste fabrikanten stellen duidelijk hoe hun product zou moeten worden gebruikt. Perfecte laboratoriumcondities komen in de praktijk helaas weinig voor. Voor de CopperCruise zouden we harder moeten varen dan 5 knopen (wat Zoef niet vaak doet), terwijl we voor de FoulAway maar kortstondig op zoutwater zouden mogen zijn (Zoef was langer dan de gestelde drie weken op zout). Voor de Cruiser One hadden we na één seizoen weer nieuwe moeten smeren (wat we niet hebben gedaan). Voor de Finsulate wordt regelmatig schoonmaken voorgeschreven (wat we niet hebben gedaan) en voor alle antifouling geldt dat die het beste werkt als je regelmatig vaart (Zoef lag soms lang stil).
Geen enkel systeem kreeg het voor elkaar om het burgerlijk ongehoorzame vaargedrag van Zoef, dat niet heel ver af staat van dat van het gemiddelde kajuitjacht in Nederland, te verenigen met een schoon onderwaterschip.
Oproep!
Wat groeit er aan jouw romp? Ligt jouw boot het grootste deel van het jaar in zoet of zout water? Dan weet je hoe snel er van alles aan de romp kan groeien. Wij zijn benieuwd naar jouw ervaringen! Hoe ziet de aangroei bij jou eruit? Welke antifouling gebruik je, en hoe tevreden ben je daarover? Heb je misschien zelfs foto’s die je met ons wilt delen?
Stuur je verhaal (het liefst mét foto’s) naar info@zeilen.nl, onder vermelding van aangroei.