Na het verhaal van de solozeiler die tweeënhalve dag vastzat op De Kreupel, blijft één vraag hangen: wat als jou zoiets overkomt?
We spraken met de KNRM over wat je dan het beste kunt doen – en vooral: hoe je ervoor zorgt dat redders je kunnen vinden.
1. Blijf kalm, blijf bij je schip
In paniek stappen veel mensen overboord, maar dat is zelden slim. Een schip – zelfs half gezonken – is vanaf de lucht of het water beter te zien dan een persoon. Probeer uit de wind te blijven en houd jezelf warm. Trek extra lagen aan en zoek beschutting in de kuip of onder dekzeilen.
2. Roep hulp op de juiste manier
Een lege telefoonbatterij is geen excuus meer. De KNRM ziet nog te vaak dat kleine jachten zonder marifoon of noodbaken varen. Een marifoon met DSC-functie kan direct een digitaal noodsignaal naar de Kustwacht sturen. Heb je dat niet, gebruik dan de gratis KNRM Helpt-app – die stuurt bij alarm je locatie automatisch mee.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FiKbdzvBJmvhEy61762944548.jpg)
3. Gebruik de juiste noodsignalen
De KNRM onderscheidt drie hoofdcategorieën noodsignalen. Elk heeft zijn eigen bereik en functie – en ze vullen elkaar aan.
Visuele signalen
Denk aan hand- of parachutefakkels (rood of wit) en elektronische flares. Ze trekken de aandacht van schepen of redders in de buurt, maar werken alleen binnen zichtafstand.
Noodbakens
Een EPIRB (Emergency Position Indicating Radio Beacon) is bedoeld voor schepen en stuurt automatisch een noodsignaal met je positie via het internationale COSPAS-SARSAT-satellietnetwerk.
Een PLB (Personal Locator Beacon) is de draagbare variant: klein genoeg om bij je te dragen, maar net zo betrouwbaar. Beide kunnen wereldwijd een reddingsactie in gang zetten.
Positiebakens
Apparaten als AIS-MOB of AIS-SART zenden een signaal uit dat zichtbaar wordt op de AIS-schermen van schepen in de omgeving. Zo kunnen redders of passerende boten je snel lokaliseren binnen enkele zeemijlen. Een Radar-SART doet iets vergelijkbaars via radarsystemen en wordt vooral op grotere schepen of reddingsvlotten gebruikt.
Satellietcommunicators
Een satelliettelefoon of communicator – zoals een Garmin inReach of Spot – is handig om contact te houden met het thuisfront of technische hulp te vragen. Maar let op: zulke apparaten zijn geen officieel noodbaken. Ze werken op oplaadbare batterijen, vereisen een abonnement en zijn niet gekoppeld aan het wereldwijde reddingsnetwerk. Een echte EPIRB of PLB blijft dus onmisbaar voor noodsituaties.
Bekijk hier de KNRM-video over noodsignalen:
4. Maak jezelf zichtbaar
Gebruik reflectie, licht en kleur. Hang een felle doek of reddingsvest aan de verstaging, zet een lamp aan zodra het donker wordt. Ook overdag kun je met een spiegel, lamp of elektronische flare zichtbaar zijn voor passerende schepen of helikopters.
5. Bereid je voor vóórdat je vertrekt
Een noodsignaal is pas effectief als je het kunt gebruiken. Controleer de houdbaarheidsdatum van je vuurwerk, test de batterijen van je EPIRB of PLB, en leer hoe de knop werkt. De KNRM adviseert om in de winter extra kritisch te zijn: kou, lege batterijen en dunbevolkt vaarwater maken het risico groter.
Op de vernieuwde informatiepagina van de KNRM vind je uitleg over elk type noodsignaal en wat het beste past bij jouw boot of vaargebied.